Vaklieden zijn momenteel schaars en het arbeidsloon is inmiddels haast onbetaalbaar geworden. Om de hele operatie in financiele zin toch nog enigzins uitvoerbaar te laten zijn (en ook gewoon omdat ik het leuk vind) heb ik de auto vooraf helemaal zelf gestript. Alle ruiten er uit, alle chromen delen er af, de bumpers er af en de bedrading uit de portieren losgemaakt. De auto werd dus op vrijdag 6 augustus 2004 kant en klaar aangeleverd te Nieuw Vennep (wel een tochtige oversteek zonder voorruit....).

Ook het houtwerk heb ik er vooraf uitgehaald en in de tijd dat de Corniche wordt strakgemaakt, zal ik dat thuis gaan ontlakken, spuiten/schuren, spuiten/schuren (10X), zodat ook het houtwerk straks spik en span in de auto toont. De cabrioletkap is ook al nieuw besteld en deze zal door Ron BARNING van de fa WEBA-autobekleders uit Sassenheim worden vervangen. Er komt een creme Sonneland kap op. Achterin de auto zijn twee lekwater-opvangbakken gesitueerd, die het water vanaf de cabrioletkap opvangen en door 4 rubberen slangen onder de auto afvoeren. Vrijwel altijd zijn deze slangen in de loop der tijd verstopt geraakt en gaan die bakken roesten. In mijn geval waren die bakken zelfs zo verrot dat ik er 2 nieuwe bakken in heb moeten lassen. Ook dat klusje heb ik geklaard in die ene week dat ik de auto heb ontmanteld.

Aan de achterzijde van de auto heb ik ook direct de montagegaatjes voor de kentekenplaat en de kentekenplaatverlichting omgezet, zodat er straks originele blauwe Nederlandse RDW-gekeurde platen op bevestigd kunnen worden. De oude gaatjes heb ik dichtgelast. Daar zie je straks helemaal niets meer van. Aan de achterzijde zijn tevens de shock-absorbing (verende) bumpersteunen te zien, die speciaal voor de Amerikaanse markt zijn aangebracht.

Vanaf dit punt had IK het niet meer in de hand en was de plaatwerker aan zet.............

De Corniche heeft in de plaatwerkerij zijn eigen vaste plek gekregen en wordt hier uitgedeukt en waar nodig middels plamuur strakgemaakt. Om het vele schuurstof tegen te gaan (dat kruipt werkelijk in ALLE hoeken en gaten), is de auto voorzien van afdekplastic.

Aan de achterkant van de carrosserie, had ik, op de plaats waar de 10 originele gaatjes voor de kentekenplaat en -verlichting zaten, kleine reepjes plaatmateriaal gelegd en de gaatjes vervolgens dichtgelast. Slijptol er over en de plaatwerker kon de rest doen (zie bovenstaande foto).

De Corniche had linksachter ooit wat averij opgelopen bij zijn vorge "baasje". Ook dit is uitgedeukt en de finishing touch geschiedde met het bekende plamuur. Onder het grootste vlak (beige/gele) plamuur is de uitsparing te zien van een van de vier zij-reflectors, die speciaal voor de Amerikaanse markt waren ontwikkeld door Rolls Royce. Om de auto door de Nederlandse keuring te krijgen, mochten de reflectors destijds wel blijven zitten, maar dienden de lampjes er uit verwijderd te worden. Als de auto gespoten is, zullen ze weer terug geplaatst worden. Zo blijft er toch nog een Amerikaans tintje zichtbaar....

Bij het schuren van de auto werd ontdekt dat deze Corniche in Amerka al diverse keren "bij de (plaatwerk-)dokter" was geweest. Er bleken meerdere laklagen en -erger nog- meerdere lakSOORTEN over elkaar heen te zijn gebruikt. Met een lapje tinner werd zichbaar hoe de moderne 2K-lakken zouden reageren op de onderlaag. De zittende laklaag werd bij het in aanraking komen met tinner heel erg zacht en stroperig en hierdoor zou de nieuwe 2K-lak naar alle waarschijnlijkheid gaan botsen met de oude laklagen. De autolak zou dan korte tijd later craquelé (kleine haarscheurtjes in de buitenste laklaag) gaan vertonen. Er was in dit geval dus maar één echt goede oplossing en dat was (net als bij al mijn eerdere lakrestauraties) ALLE LAK ER AF !

De plaatwerkers hebben complete dozen met schuurschijven aan laten rukken om zo de auto kaal te schuren (korrel 40 van M3 bleek het beste resultaat te geven). Mijn eerste restauratieproject (Cloud 1) had ik destijds met afbijt kaal gemaakt en dit had 3 nadelen: 1. De laatste laklaag liet zich erg slecht verwijderen, daar deze taai en stroperig bleef. 2. Het chemische goedje trekt in je plaatwerk en je moet het altijd zeer goed naspoelen om alle afbijt van je schone plaatwerk af te krigen. 3. Het is gewoon erg ongezond en milieubelastend. Bij de restauratie van de Cloud 2 had ik roterende Scott's Bright-schijven gebruikt en dat ging op zich wel goed, maar daar moest je heel goed uitkijken dat je niet te veel warmte in het materiaal bracht. Zeker op die plaatsen waar te carrosserie vertind en van aluminium was, had die schijf de neiging om zich in het meteriaal te vreten. Deze 3e methode (schuren met korrel 40) bleek uiteindelijk de aller beste.